Dagboek uit Oezbekistan (4): Oezbeken schrijven boek over 101

Over de lotgevallen van 101 Oezbeken, die in 1942 in Kamp Amersfoort werden gedood, is in Tasjkent onder brede belangstelling een Oezbeeks boek gepresenteerd. ‘Honderdeen’ heet de roman.

De Oezbeekse schrijvers, Julia Medvedovskaja en Anvar Irgasjev, hebben hun boek grotendeels gebaseerd op het levenswerk van onderzoeker Remco Reiding. De Amersfoorter was eregast bij de presentatie in Tasjkent.

De publicatie van het boek onderstreept de toegenomen aandacht vanuit Oezbekistan voor het werk van Reiding en zijn Stichting Sovjet-Russisch Ereveld. Die houdt de nagedachtenis aan oorlogsslachtoffers uit de Sovjet-Unie levend en spoort nabestaanden op van de soldaten die op het ereveld in Leusden begraven liggen. Zo kon Reiding eerder deze week nog een kleindochter van Valerian Plosjtsjadnov in Tasjkent vertellen dat haar opa in Leusden begraven ligt.

De boekpresentatie werd in een volle theaterzaal in Tasjkent omlijst door een theatrale bijdrage van een groep toneelspelers die de executie van 77 Oezbeken op 9 april 1942 in Kamp Amersfoort naspeelden. Voor veel aanwezige Oezbeken een zichtbaar aangrijpende scène.

Buiten het theater waren met prikkeldraad omringd de tekeningen te zien die in 1942 van de Oezbeekse krijgsgevangenen in Amersfoort zijn gemaakt.

De Oezbeekse Sovjetsoldaten werden op 27 september 1941 naar Kamp Amersfoort overgebracht voor filmische propaganda-doeleinden. Toen dat op een mislukking uitdraaide – de Amersfoortse bevolking toonde eerder compassie met de krijgsgevangenen dan weerzin – wachtte hen in het kamp een gruwelijk einde. Binnen enkele maanden stierven 24 soldaten door ontbering, de overige 77 werden op 9 april 1942 gefusilleerd.

Reiding heeft eerder deze week van de autoriteiten de toezegging gekregen dat ze alles in het werk zullen stellen om te helpen de identiteit van de 101 te achterhalen. En daarmee ontstaat voor Reiding een kans om aan hun families te kunnen vertellen waar hun vader of grootvader begraven ligt.