Dagboek uit Oezbekistan (3): Reiding traceert nabestaande

In Tasjkent is een nabestaande gevonden van een op het Sovjet-Russisch Ereveld begraven Oezbeek. Onderzoeker Remco Reiding heeft woensdagmiddag aan kleindochter Jelena kunnen vertellen dat opa Valerian Plosjtsjadnov op het ereveld in Leusden begraven ligt.

Sergeant Plosjtsjadnov werkte in 1941 in een fabriek toen hij naar het front moest om de aanval van Hitler op te vangen. ,,Hij liet in Tasjkent mijn oma Vera en drie kinderen achter, onder wie mijn vader Vladimir, die 12 jaar geleden is overleden”, aldus Jelena. ,,Tante Ljoedmila leeft nog, ze woont in Kazachstan. Tante Ella is ook overleden.”

Jelena is zichtbaar geroerd door alle nieuws. ,,Ik ben geschokt en toch wil ik ook lachen. Zo verward ben ik.” Om meteen toe te voegen dat ze dit nieuws voor geen goud had willen missen. ,,Eindelijk horen we het echte verhaal van opa. Ik ben ook zo opgelucht dat opa een eigen graf heeft.”

Nooit heeft de familie gehoord wat er met Valerian is gebeurd. Tot woensdagmiddag.

Remco heeft Jelena kunnen vertellen dat haar grootvader in Bad Lippspringe als krijgsgevangene is overleden. Hij leed na zware dwangarbeid aan TBC. Terwijl hij al bevrijd was door de Amerikanen, overleed de 30-jarige Plosjtsjadnov op 5 mei 1945 in een ziekenhuis nabij Paderborn.

Direct na de oorlog werd Plosjtsjadnov in Margraten begraven. Bij de aanleg van een apart Sovjet-Russisch Ereveld in 1948 is hij overgebracht van Zuid-Limburg naar Leusden.

Jelena en haar familie zijn opa nooit vergeten. Ieder jaar worden op 9 mei bij het nationale monument bloemen neergelegd om Valerian te eren. Ook de kleinkinderen en achterkleinkinderen zijn daarbij aanwezig.

Remco Reiding probeert in Oezbekistan ook de namen te achterhalen van de 101 Oezbeken die in 1942 in en nabij Kamp Amersfoort om het leven zijn gebracht. Daartoe zijn inmiddels gesprekken gevoerd met de autoriteiten voor maximale medewerking. Die hulp is woensdag door de autoriteiten toegezegd. Plosjtsjadnov behoorde niet tot deze groep.